Datamining
In de strijd tegen de fiscale fraude heeft de regering Verhofstadt II het plan opgevat de dossiers meer te gaan selecteren met behulp van "datamining" software. In plaats van alle dossiers systematisch te controleren, worden enkel "fraudegevoelige" dossiers geviseerd. Datamining is een selectiemiddel waarbij de gegevens die de fiscus heeft worden gestopt in een wiskundig model dat kan worden toegepast op een deel of het geheel van de te controleren populatie. De dataminingtechniek laat toe een samenhang te ontdekken tussen een pak gegevens om er relevante gegevens uit te extraheren.
Voorbeeld
Zo kan eenvoudige software alle B.T.W. aangiftes overlopen en een lijst afleveren van die gevallen waar B.T.W. wordt afgetrokken op aankopen, zonder dat B.T.W. wordt betaald op verkoopfacturen. Dan kan de fiscus die belastingplichtigen één voor één controleren of de aftrek van B.T.W. wel correct is.
Met succes?
Deze techniek is door de fiscus uitgetest op een proefproject. Er werden 200 dossiers verspreid over 20 controlekantoren. Door die controles kon een goede 2 mln. EUR B.T.W. extra binnengerijfd worden en 1,3 mln. EUR bijkomende directe belastingen geïnd worden. Dat met de B.T.W. actie ook extra geld aan directe belastingen wordt binnengerijfd, hoet niet te verwonderen. Bij een B.T.W. controle vindt de fiscus niet zelden extra voordelen van alle aard die ook geld opleveren binnen de personenbelasting.

Controlesysteem

De vraag die velen zich vanzelfsprekend stellen, is of men kan weten wanneer de onderneming een grondige controle zal krijgen. Op deze vraag kan zonder meer met “ja” geantwoord worden. Op de eerste bladzijde van zowel de aangifte vennootschapsbelasting als van de personenbelasting van zelfstandigen, staat een code. Alle dossiers zijn opgedeeld in zes categorieën die ad random werden gevuld door de computer. De dossiers van vennootschappen werden genummerd van C1 tot C6. Deze van zelfstandigen, natuurlijke personen van B1 tot B6. Bedoeling is dat de A.O.I.F. (Administratie voor Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit ) elk jaar in de zesjarige cyclus één categorie behandelt. Gedurende de periode 01.07.2005 tot 30.06.2006 is categorie 3 (B3 en C3) aan de beurt. Tijdens de volgende twaalf maand van 01.07.2006 tot 30.06.2007, wordt groep 4 (B4 en C4) behandeld.

De bijhorende tabel geeft aan voor welk boekjaar, welke controle wordt gepland. Daarbij wordt uitgegaan van een belastingplichtige wiens boekjaar samenvalt met het kalenderjaar. Voor de periodes waar geen controles worden gepland, stelt de fiscus evenwel dat tijdens de twee controleperiodes die volgen op een grondige verificatie, nieuwe controle- en opsporingsinitiatieven kunnen gepland worden wanneer de vaststellingen die gedaan werden bij de grondige verificatie dit rechtvaardigen. Zo nodig kan dit met het oog op een nieuwe grondige verificatie, een wijziging of een versnelling in de controlefrequentie tot gevolg hebben. Dus: van deze tabel kan zondermeer afgeweken worden!

In het jaar voordat de grondige controle zal plaatsvinden, zullen gerichte opsporingen door de verificatieteams van het controlecentrum gebeuren. Dit betekent dat ambtenaren soms zonder enige aankondiging de onderneming kunnen bezoeken om de kas te controleren, na te gaan of het contante ontvangstendagboek aanwezig is en systematisch bijgewerkt wordt, om vaststellingen te doen van de aan de klant aangerekende prijzen. Zo bezoeken deze ambtenaren horecazaken om na te gaan of de noodzakelijke “B.TW-bonnetjes” worden afgeleverd. Ook kunnen zij loutere vaststellingen doorgeven aan de ambtenaar die gedurende het volgende jaar het dossier grondig zal controleren. Neem als voorbeeld de vaststelling dat gedurende vijf werkdagen een bestelwagen van een loodgieter stond voor een woning. De ambtenaar die dan verder zal controleren, kan nagaan of een verkoopfactuur voor dit werk gemaakt is en in verhouding staat tot de duur van het werk. Al deze vaststellingen hebben in principe bewijskracht, tenzij de belastingplichtige uiteraard het tegendeel bewijst.

Naast de grondige controle voor in principe twee boekjaren, zal tevens een beheerscontrole uitgevoerd worden voor minstens twee andere boekjaren. Dit wordt in de praktijk een “summiere controle” genoemd. In principe betekent dit dat de “oude” controles de verificatie uitvoeren. Het gaat om een op kantoor uitgevoerde controle op basis van documenten, die soms aangevuld kan worden met een kort bezoek ter plaatse. In principe omvat dergelijke controle (zoals gesteld mede omwille van de strikte verjaringstermijnen van art. 354, eerste lid W.I.B. 1992) net zoals de grondige controle, twee boekjaren.

Meld problemen aan Wouter Verhoeye  -   DDV Online Disclaimer